Fanatiek sporten minder gezond dan gedacht
In dit artikel:
Een nieuwe richtlijn helpt sporters ouder dan 35 jaar samen met hun arts veilig actief te blijven zonder onnodige gezondheidsrisico’s te nemen. Inspanningsfysioloog Thijs Eijsvogels (Radboudumc) en collega’s uit Europa en de VS stelden de leidraad op omdat bestaande protocollen vooral waren gericht op niet-sportende patiënten en daarmee veel actieve mensen tussen wal en schip lieten vallen. In Europa vormen hart- en vaatziekten nog steeds de belangrijkste doodsoorzaak (ongeveer 1,7 miljoen overlijdens per jaar), maar sporten blijft over het algemeen gezond: sporters leven gemiddeld drie tot zes jaar langer dan niet-sporters.
Tegelijkertijd zijn sporters niet immuun; bepaalde problemen zoals hartritmestoornissen en kransslagaderverkalking blijken bij hen soms juist vaker voor te komen, zonder dat daar nog een duidelijke wetenschappelijke verklaring voor is. Praktijkvoorbeeld: misdaadjournalist en fanatiek sporter Jens Olde Kalter ontdekte door een eigen initiatief (CT-scan vanwege familiegeschiedenis) kransslagaderverkalking en paste daarop zijn trainingsgedrag aan — hij houdt intensiteit en volume nu beter in de gaten, meet dagelijks zijn hartslag en laat regelmatig bloedwaarden controleren.
De nieuwe richtlijn adviseert artsen en sporters hoe ze risicofactoren kunnen herkennen en sportactiviteiten kunnen aanpassen, onder meer door gebruik van gegevens van sporthorloges gecombineerd met subjectieve klachten (bij sporters kan een dalende prestatie of onverklaarbaar krachtverlies waarschuwingssignalen geven in plaats van klassieke pijn op de borst). Verder blijft periodieke controle van cholesterol, bloeddruk en bloedsuiker belangrijk; deze waarden zijn via de huisarts of Hartstichting-checkpunten ongeveer eens per vijf jaar te laten meten.
Doel is dat steeds meer deelnemers aan intensieve evenementen (marathons, wielerwedstrijden, Hyrox) op een verantwoorde manier begeleid kunnen worden. Als aanvullende onderzoeksbevinding blijkt uit werk van Maastricht University dat intensieve inspanning ook je smaak- en reukervaring kan beïnvloeden: na hardlopen proeft eten bijvoorbeeld minder zoet.